Preek op de avond van dankdag 4 november 2020.

Protestantse Gemeente Zaltbommel, bijeen in de Sint Maartenskerk.

Bij Lucas 17 : 11 - 19

 

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

 

Dankbaarheid.

Laten we hier in de stilte van deze kerk

of thuis in de stilte van ons hart

eerst eens op zoek gaan.

Op zoek naar momenten of gebeurtenissen

waarin je je zo intens dankbaar voelde.

Je zo dankbaar voelen, dat warme fijne gevoel,

wanneer was dat ? en om welke reden?

……………….

Was het die geboorte van je kind of kleinkind?

Was het die oplossing toen je het zelf niet meer zag?

Was het die goede uitslag van dat spannende onderzoek?

 

Je intens dankbaar voelen

het is een heerlijke emotie

en het is dan ook niet zo moeilijk om

mee te leven met die man

die niet alleen ziek was

-melaats zeiden we vroeger

met huidvraat of een huidziekte, zeggen we nu-

maar ook buitengesloten

van familie, vrienden, tempel,

iedereen liep met een grote boog om hem

en zijn lotgenoten heen

bang om ook besmet te raken.

Voor moderne mensen

in deze tijden van het corona virus

opeens zo veel voorstelbaarder geworden.

Maar nu : hij is zijn ziekte kwijt

en heeft zijn leven terug!

Geen wonder dat hij overloopt van dankbaarheid

God looft

en aan de voeten van Jezus neervalt!

Nou het blijkt dus wel een wonder te zijn

want wonderlijk genoeg

-zo constateert ook Jezus-

is hij de enige.

 

Ja, de enige die wat..? Dankbaar was?

Er staat niet dat de anderen

geen dankbaarheid hebben gevoeld.

Misschien hebben

ze op hun manier in de tempel

hun diepe dankbaarheid getoond,

of samen met hun familie

God geprezen en geloofd

in dankgebed en lofgezang.

We weten het niet.

 

Wat maakt deze ene

nou zo bijzonder

en waarom zouden we

juist aan hem

een voorbeeld moeten nemen?

 

Nou, eigenlijk geeft hij een antwoord

op de vraag

die de angstige discpelen

hiervoor aan Jezus stellen

als hij hun oproept

hem te blijven volgen

wat er ook gebeurt.

Ze zien zichzelf in de ogen

en in het hart

en vragen angstig aan Jezus:

‘’Geef ons meer geloof!’’

Maar Jezus zegt:

wees niet bang

een heel klein beetje is daarom al genoeg

zo klein als het bijna onzichtbare mosterdzaadje.

 

 

En dan volgt ons verhaal , als illustratie

bij wat dat geloof eigenlijk is.

 

Ja, wat is geloven eigenlijk?

Voor waar houden wat in de Bijbel staat?

Geloven in een goddelijke werkelijkheid?

Het christelijk geloof aanhangen?

Bij een kerk horen?

 

Allemaal niks mis mee,

maar de kern raakt het niet.

De kern is wat in ons woord geloven

wat minder naar voren komt

maar in Bijbelse woorden des te meer:

en dat is

vertrouwen.

 

Of je het nou theologisch of psychologisch,

economisch of sociologisch bekijkt:

we weten allemaal hoe wezenlijk

vertrouwen is

en hoe ondermijnend en destructief

voor mens en samenleving

als wantrouwen gaat heersen.

 

Vertrouwen, dat is wat geloven eigenlijk is.

Iemand schenkt jou vertrouwen

en jij vertrouwt je toe aan iemand;

geloofsvertrouwen zegt dus ten diepste niet

waar je allemaal in zou moeten geloven

maar aan wie jij je mag toevertrouwen.

 

En dat is wat deze man laat zien.

Hij begrijpt dat deze Jezus het waard is

om zich aan toe te vertrouwen

en dat wie Jezus volgt op zijn weg

een weg van vertrouwen gaat;

een weg die aanstekelijk werkt

voor wie je er maar tegenkomt.

Hij onderscheidt zich van de andere negen

niet door wat hij vóelt

maar door wat hij dóet.

 

Hij keert terug

hij staat op

hij gaat heen

hij volgt Jezus

 

Dankbaarheid vóelen kan niet altijd.

Hoe zou dat kunnen?

Soms is het te donker en te verdrietig

soms zijn er teveel zorgen en angsten

zijn er teveel negatieve emoties

om überhaupt iets van dankbaarheid

te kúnnen voelen.

 

Maar dankbaar zíjn

en vooral dankbaarheid dóen kan wel altijd.

In geloof is dankbaarheid niet in de eerste plaats

een gevoel

maar een houding,

en een houding kun je aannemen

in een houding kun je je oefenen.

vanuit een houding kun je handelen

‘’Om die te doen uit dankbaarheid”

zingt dat klassieke gezang over de geboden.

En wat is ons geboden?

God liefhebben

en je naaste als jezelf.

 

In geloof is er altijd een reden

voor dankbaarheid

omdat God blijvend vertrouwen in ons heeft

en wij daarom in vertrouwen onze weg

mogen gaan met God en met elkaar,

wat er ook gebeurt.

 

 

Ook gelovigen ontkomen uiteraard niet

aan die vaak nare achtbaan van gevoelens

maar je schiet niet los en komt veilig beneden.

 

Dankbaarheid als houding

dankbaarheid doen

juist ook in deze tijd

het is mogelijk.

 

En deze dankbare Samaritaan

geeft daar samen met die ander,

de barmhartige Samaritaan

een prachtig voorbeeld van.

Juist in deze vreemdeling, in deze heiden,

-foute afkomst

fout geloof

foute taal-

wordt het goede geloofsvertrouwen

het goede gelaat van de naaste

van Jezus zelf zichtbaar.

 

Jezus die zelf ook in dit verhaal

een prachtig voorbeeld geeft

van een gelovige houding.

 

Juist in deze tijd van afstand

voelen we ons vaak machteloos

en tekort schieten.

 

Afstand was er toen ook;

grote afstand tussen deze besmette zieke mens

en de ander

en zelfs Jezus houdt die afstand in dit verhaal

volgens de voorschriften in acht.

Iets wat wij als kerk ook doen.

Niet om maar klakkeloos de overheid te volgen,

maar ook omdat wij zo menen Jezus te volgen:

want ook ons hart gaat uit

naar wie zorg behoeven en zorg geven.

Jezus houdt afstand.

Maar dat betekent niet dat

hij niets kan doen

niets kan betekenen.

 

Er is afstand.

Maar:

Hij hoort hun geroep.

Hij luistert naar hun stem.

Hij ziet ze aan.

Hij moedigt ze aan.

 

Zo is hij erbij.

Zo is hij nabij.

Zo voedt hij hun vertrouwen.

Het vertrouwen in God en in het leven.

 

Nee, dit geloof

dit geloofsvertrouwen is niet

het medisch vaccin tegen corona,

maar wel het medicijn

tegen wantrouwen en cynisme.

 

‘’Sta op en ga,

Uw geloof heeft u gered!’’

 

Amen