Protestantse Gemeente Zaltbommel, bijeen in de Sint Maartenskerk,

Bij Exodus 20 : 7 en Jak. 1 : 19-27

zondag 21 juli 2019

 

 

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Jullie mogen niet vloeken!

Amen

 

Het record kortste preek heb ik hiermee wel doorbroken denk ik.

Maar ja, wat valt er ook verder te zeggen

als 'niet vloeken'  de gangbare uitleg is

van geen misbruik maken van Gods Naam.

 

Nu ben ik de allerlaatste die zal zeggen

vloek er maar op los

maar als het gaat om niets minder

dan één van die beroemde tien woorden

moet er toch wel meer te zeggen zijn dan dat.

 

Maar wat?

Daarvoor moeten we weer even terug naar het begin.

''Ik ben de Heer, uw God,

die u uit Egypte, uit de slavernij, heeft bevrijd."

Dit is het eerste woord, voordat de tien woorden volgen.

Het gaat om bevrijding, het gaat om in vrijheid leven.

En de tien woorden willen ons behoeden voor

andere vormen van slavernij en onvrijheid.

De tien woorden zijn geen geboden om ons klein te houden,

maar, om met iemand anders te spreken,

het zijn wegwijzers naar de vrijheid.

Ze leren ons hoe we dat doen

leven in vrijheid

vooral samen leven in vrijheid

in relatie tot God en tot elkaar.

En les 3 luidt:  misbruik de naam van de Heer uw God, niet.

 

 

 

Wanneer doe je dat?

Als je de naam van God inzet voor verkeerde doeleinden,

als je mensen of dingen naar jóuw hand wilt zetten.

In de tijd van de Bijbel kun je dan denken aan

allerlei magische praktijken,

waarbij je onder aanroeping van de Godsnaam

die ander probeerde te vervloeken

of iemands oogst wilde laten mislukken.

Maar er is ook dat verhaal

dat het volk Israël de strijd aan moest gaan

met de Filistijnen

en probeerde de overwinning af te dwingen

door de ark, het symbool van Gods aanwezigheid

met daarin nota bene de tien geboden,

met zich mee te voeren.

Nou, dat liep niet goed af

ze werden verpletterend verslagen.

 

Maar het zo proberen

 dat is van alle tijden

God met ons !

om vervolgens die ander

te onderdrukken, te verjagen of te vermoorden.

God met ons -

je zet God in om jouw macht

uit te oefenen,

als land, maar ook als persoon.

Diegene die boven jou gesteld is

die baas, die vader, die moeder,

die priester, die dominee..

die lijken God aan hun kant te hebben

dus wie ben jij om daar tegenin te gaan

wie ben jij om niet te doen wat zij willen?

 

 

 

 

 

 

 

Al dit misbruik is veel erger dan vloeken

het is Godslastering van het hoogste soort:

je gebruikt God

die God die gezegd heeft

mijn Naam is dat ik bevrijding geef

mijn Naam is dat ik jouw vrijheid wil

die God gebruik je

om de ander jouw wil op te leggen

en dus onvrij te maken.

 

Godslastering van het hoogste soort

het is ook waar Jakobus in zijn brief

in scherpe bewoordingen tegen fulmineert:

wie zegt in God te geloven

maar er niet naar handelt

is volstrekt ongeloofwaardig!

"Alleen wie zich spiegelt in de volmaakte wet die vrijheid brengt,

als iemand die ernaar handelt,

hem valt geluk ten deel, juist om wat hij dóet!"

 

Gods Naam te pas en te onpas in de mond nemen

en ondertussen anderen kleineren,

vernederen, manipuleren, misbruiken,

dát zijn de ergste vormen van misbruik van Zijn naam.

 

Ik ben er dan ook niet zo rouwig om

dat we als kerk veel voorzichtiger zijn geworden

om in onze samenleving en geschiedenis

op allerlei acties en opvattingen

het stempel ''God met ons'' te zetten.

Hou zouden wij Gods weg helemaal kunnen doorgronden?

Hoe kunnen wij de consequenties van ons handelen

helemaal overzien?

Zelfs iets wat je al biddend bent begonnen

en met de beste bedoelingen bent aangegaan

kan voor mensen onvoorziene nare gevolgen hebben.

Omzichtigheid en bescheidenheid

helpen ons daarom om te voorkomen

dat we de Naam van God misbruiken.

 

Niet zomaar de Naam van God in de mond nemen, nee.

Maar dat kan ook weer doorslaan naar de andere kant,

dat we de Naam van God helemaal niet meer in de mond nemen.

 

In onze gemeente is het niet zomaar God voor en God na,

betrekken we God niet te pas en te onpas bij van alles en nog wat,

en dat siert ons.

Wij weten dat we God niet zomaar aan onze kant hebben

en zeker niet in onze zak.

Maar, zo dacht ik,  daar zit soms ook een andere reden achter

dan de wens om zijn Naam niet te misbruiken.

Is dat ook niet omdat we te bescheiden, te verlegen,

te twijfelend, te onzeker zijn geworden

om zijn Naam überhaupt te gebruiken?

Is het niet zo dat we Gods Naam niet verkeerd kunnen inzetten

als we hem sowieso nergens meer bij betrekken,

laat staan ter sprake brengen?

 

Hoe begrijpelijk ook,

- als ik naar mijzelf kijk,

uit reactie op te grote woorden en te stellige zekerheden -

hoe begrijpelijk ook

het is eigenlijk ook wel raar.

 

Kern van het geloof is toch dat God

een relatie is aangegaan

met ons en onze wereld,

een verbond met ons heeft gesloten,

in Bijbeltaal.

Binnen die verbondsrelatie

is het God- en mensonterend

de Naam van God te misbruiken,

maar is de Naam van God níet gebruiken

nou ook niet echt heilzaam.

Er is geen relatie die daar beter van wordt.

 

 

 

 

 

In een goede relatie vertel je graag over die ander,

en dat hij of zij veel voor je betekent.

Zo mogen ook wij vertellen over God

niet omdat je er goed aan doet

nooit te twijfelen

maar omdat deze God

al wat goed is

vertegenwoordigt.

 

In een goede relatie

weet je waar je de ander een plezier mee doet,

waarmee je haar of zijn Naam eer mee aan doet.

Zo mogen wij in ons persoonlijk doen en laten

Gods Naam eer aan doen

en als kerk Hem naar wie wij heten

we zijn immers gemeente van Christus.

Het is Jezus Christus die wij navolgen

als wij goed doen.

We doen geen goede dingen omdat

we anderen de Naam van Jezus willen opdringen,

maar wat is er mis mee

om bij de goede dingen die wij doen

ook hardop te zeggen dat we dat in Zijn Naam doen?

 

In een goede relatie spreek je vooral graag

mét die ander.

Zo mogen ook wij spreken met God.

We zingen, we bidden,

we danken en soms, ja, soms vloeken we zelfs.

In een goede relatie mag jij zijn wie je bent,

met al je verlangens en vragen,

hoop en soms die vervloekte wanhoop.

 

Nu weet ik wel

in een relatie tussen mensen

is dat anders dan in de relatie met God.

Die andere mens is lijfelijk en zichtbaar aanwezig,

God blijft een mysterie.

 

 

En toch :

als je het blijft doen

praten over God, praten met God,

en handelen in naam van die God,

dan blijft de relatie in stand.

En in geloof zeg je :

God zelf houdt die in stand,

Hij houdt vast aan zijn verbond, aan zijn relatie met ons.

 

Want het mooie is:

bij mensen twijfel je

nooit aan iemands bestaan,

wel aan iemands liefde.

Laat dat bij God nou net andersom zijn:

je kunt twijfelen aan Zijn bestaan

maar nooit aan Zijn liefde.

 

 

Amen